Op bezoek bij een naamgenoot

Hij mocht op een knop drukken, daarna klonk er een stem uit een paal. Daarvoor was hij bijna zevenmaal om een gepantserd gebouw gefietst. Nog net op tijd hoorde hij de hoorn van een beroemde ridder uit een lang verleden. Een ridder, die West Europa redde van de Moren. Door op die hoorn te blazen. Die hoorn zei: ga naar het bezoekerscentrum.

Tja, als je dan bij de bank zelf bent, schiet het niet op. De stem liet hem binnen. Wonderlijk veel associaties kwamen boven. Een stem: dit is mijn schaker in wie Espion… Hij zat naast de grote Enserink, die moet geen tramconducteur worden, bedacht hij terwijl hij op de harde bank plaatsnam. Nu veren diverse lezertjes verbaasd op. Behalve Henk zelf. Henk heeft niets met remises. En ja waar moet een tram dan staan?

Gezeten op de bank zat hij tegenover een teamleidster. Zag hij op linkedin. Een teamleider die ook op Tata was en ook voor een club uit Apeldoorn speelt. Zijn huiswerk loonde want hij schatte in dat ze dus verdedigend zou spelen en daarin best lastig te verslaan zou zijn.

Hij groef in z’n geheugen en dacht aan van der Kooij bij Zukertort die uitblonk in zetten als Pf6 dan h6 dan Ph7 en Pg5 om een stuk te ruilen. Of helemaal ideaal met een loper op E7 en de dame nog op D8 wel drie stukken. Dat schiet lekker op. En diens opvatting was dan ook ruil zo snel mogelijk zo veel mogelijk stukken, je kunt er veel van vinden, maar in de praktijk was ’t best lastig om van hem te winnen. Zo ook vandaag.

Intussen had Rudolf in een koffiehuispartij twee torens geslagen met zijn dame, was zijn eigen koning in groot gevaar, maar zat hij er vrij rustig bij. Zijn tegenstander daarentegen was opgewonden aan het vertellen hoe ’t allemaal won. Op afstand kon ik zijn varianten horen. Bijvoorbeeld na Dg2 o dan is er niks aan de hand want dan … etc. Dat is het leuke van schaken: twee personen kunnen over dezelfde positie met evenveel stelligheid iets redelijk verschillends beweren of denken. Henk mompelde zachtjes, dat hij een kwaliteit verloor, Willem hoorde Eggelte remise aanbieden. Omdat Willem niet Henk heet dacht hij rustig na, overlegde met de Ridder en nam het aan. Rio had een wilde partij, het kon alle kanten op. Bij mij volgde het de roman van Couperus: langs lijnen van geleidelijkheid. Na de opening had ik een plusje en dat kon ik rustig uitbouwen. Roland stond wat beter, Constantijn gedrukt, Dick zag ik te kort om wat zinnigs over te zeggen, leek me gelijk te staan.

Helaas Rudolf moest na wat dameschaakjes, een pion ruil op f6 vaststellen dat materieel hij ruimschoots winnend was, maar dat zijn koning het niet meer zag zitten, een dameoffer kreeg hij niet kloppend, want ik zag het niet op het bord komen.

Dat was 1½-½. Constantijn verloor, Henk wint na een fout van zijn tegenstander. Henk’s dame op de rand kon zomaar een toren oppikken op de achterste rij. Over en sluiten dus.

Gelijk. Rio verliest. Ik win. Dick remiseert. Iedereen spoedt zich naar het bord van de Ridder. Het is 4-3 voor de club van mijn naamgenoot. Of is het genoemd naar de roman van Vestdijk: ivoren wachters?

We weten het niet. Roland en zijn tegenstander, met een naam als een grootmeester, of met een eigennaam voor een variant, hadden beiden nog weinig tijd. Roland stond veel beter tot gewonnen, maar moest nog een wild paard temmen, toen hem dat gelukt was incasseerde hij een vol punt: 4-4. Een kostbaar punt maar ook vandaag net als tegen LBG had er meer ingezeten en ook tegen de Amstel en Amsterdam West 4 was dat zo. De situatie is lastig te noemen, want we krijgen nog de sterkste teams op bezoek. Spandoeken extra training is hier op zijn plek!

Uw verslaggever houdt u op de hoogte.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.